Weblog Hanneke Ikking 

20 juli 2010

 

Samen naar buiten

 

Na de ervaring met het zoekraken van moeder heb ik met de leidinggevenden van het verzorgingshuis gesproken en begrepen dat er geen medewerkers zijn die een of twee keer per week met moeder buiten kunnen gaan wandelen. Evenmin heeft het verzorgingshuis een vrijwilliger die dit op zich zou kunnen nemen. Mijn dochter en ik gaan daarom op onderzoek uit naar het aanbod van vrijwilligers in de omgeving van het verzorgingshuis. Dat aanbod blijkt ook niet al te groot. Het feit dat moeder op een PG-meerzorgafdeling woont, is daarbij een complicerende factor: veel vrijwilligers willen niet gekoppeld worden aan een persoon met dementie die niet meer thuis woont.

 

Studiepunten

Toch willen wij hoe dan ook proberen te realiseren dat moeder zeker driemaal per week mee naar buiten genomen wordt. Mijn dochter en ik kunnen dit, om verschillende redenen, niet helemaal zelf realiseren. Mijn dochter is ergotherapeut en bedenkt een plan om bij de Hogeschool van Amsterdam te informeren of er studenten verpleegkunde, fysiotherapie of ergotherapie zijn die voor hun studie misschien vrije keuze-punten kunnen halen door te gaan wandelen met een oudere die lijdt aan de ziekte van Alzheimer.

Na overleg met een docent van de Hogeschool wordt in het schoolgebouw een advertentie opgehangen waarin de vraag gesteld wordt welke student verpleegkunde, fysiotherapie of ergotherapie iets voelt voor deze invulling van de vrije keuze-punten...

 

Wandelen met Claire

Na een aantal weken heeft mijn dochter contact met Claire. Zij is studente ergotherapie en wil eenmaal per week met moeder gaan wandelen.

Mijn dochter arrangeert een kennismakingsgesprek tussen Claire en moeder, waar zij zelf ook bij is. Dat gaat goed. Er wordt afgesproken dat de studente zoveel mogelijk op een vaste dag komt, even een praatje maakt en dan met moeder (+ rollator) gaat wandelen en een ‘vers bloemetje' gaat kopen (zoals moeder altijd zegt).

De eerste weken gaat het moeizaam. Claire komt trouw, maar moeder geeft aan geen zin te hebben om te wandelen, en dat terwijl zij, als wij komen, bij wijze van spreken al bij de lift staat. Na een week of drie vertelt moeder dat ‘dat meisje wel lief is hoor', maar dat ze het gevoel heeft uitgelaten te worden omdat ze het niet meer alleen zou kunnen. Wij weten moeder over te halen vol te houden, we zeggen dat Claire ook komt omdat het een studieopdracht is, dus dat moeder Claire kan helpen met haar studie. De eerste paar volgende afspraken belt mijn dochter vijf minuten van tevoren naar moeder om haar alvast op de komst van Claire voor te bereiden.

 

Het is nu ongeveer twee maanden later, Claire komt nog steeds en we horen moeder er niet meer over dat zij het niet leuk vindt. Claire schrijft zelf op de weekkalender van moeder dat zij komt, hoe laat zij komt en dat zij dan gezellig gaan wandelen. Moeder heeft zich erbij neergelegd en geniet van het buiten wandelen, ook met Claire.

 

  • Reageer op deze weblog via de redactie
  • Naar overzicht weblogs Hanneke
  •  

     


    © Reed Business BV. Auteursrechten voorbehouden. Op deze site zijn de volgende regelingen van toepassing:
    Privacystatement | Gebruiksvoorwaarden | Colofon | Proefabonnement | Losse nummers