3 april 2010
MDO
Op 9 februari van dit jaar vond het eerste MDO (multidisciplinaire overleg) over mijn moeder plaats tussen de specialist ouderengeneeskunde, een gediplomeerde verzorgende, mijn dochter en mij. Mijn dochter is sinds een maand tweede contactpersoon, iets waar ik erg blij mee ben omdat zij continuïteit kan bieden als ik er niet ben. En ook omdat zij ergotherapeut is en wij met onze gezamenlijke zorg- en paramedische kennis een professionele bijdrage kunnen leveren aan de zorg voor mijn moeder.
Moeder woont sinds 14 november op de meerzorgafdeling van het verzorgingshuis en voelt zich daar steeds meer thuis. Het MDO was bedoeld als evaluatie van het voorlopige zorgplan, dat was opgesteld in de eerste week nadat moeder in het huis was komen wonen.
Zorgplan
Mijn dochter en ik hebben van tevoren een rijtje vragen opgesteld, onder andere over medicijngebruik en over de activiteiten die de bewoners van de meerzorgafdeling aangeboden krijgen.
Het zorgplan van de bewoners van het huis is in de vier domeinen van verantwoorde zorg opgesteld (participatie, mentaal welbevinden, woon- en leefomstandigheden en lichamelijk welbevinden). De verzorgende houdt zich dan ook keurig aan deze vier domeinen, alsof het aparte hoofdstukjes zijn.
Het valt al snel op dat de communicatie tussen de specialist ouderengeneeskunde, mijn dochter en mij gaat. Steeds doen wij moeite om wat wij zeggen in eenvoudige bewoordingen te herhalen, zodat de verzorgende het ook begrijpt. De verzorgende schrijft netjes op wat wij zeggen, maar vertaalt het niet in doelen en acties. Daar helpt de specialist ouderengeneeskunde haar bij.
Wanneer ik een vraag stel over medicatie van moeder die in december gestopt zou worden en waar andere medicatie voor gestart zou worden - in verband met richtlijnen van het zorgkantoor - kan de verzorgende dit niet vinden in het dossier van mijn moeder. Zij belooft dit binnen 14 dagen uitgezocht te hebben en door te geven aan de specialist ouderengeneeskunde.
Activiteiten
Op de afdeling van mijn moeder worden slechts mondjesmaat activiteiten voor de bewoners georganiseerd. Er is geen activiteitenbegeleider structureel op de afdeling aanwezig, de verzorgenden worden verondersteld zelf iets op dit gebied te ondernemen. Omdat er weinig personeel is, gebeurt dit ook weinig. Lichamelijke verzorging en het verzorgen van de maaltijden en dergelijke gaan voor.
Mijn dochter en ik vragen specifiek naar de activiteiten omdat moeder nog steeds heel graag naar buiten wil. Misschien, vragen wij, is het mogelijk dat een of twee verzorgenden met een groepje nog goed lopende bewoners een of twee keer in de week naar buiten gaan voor een wandeling. Er komen veel redenen waarom dit niet kan. Ten slotte wordt het vertaald in een doel ‘mevrouw zou graag regelmatig naar buiten gaan om te wandelen of winkels te kijken' en een actie ‘onderzoeken of het mogelijk is dat er met een groepje bewoners gewandeld wordt'.
Mijn dochter en ik komen allebei apart een- tot tweemaal per week op bezoek en dat betekent in ieder geval drie- tot viermaal per week een wandeling met moeder door de familie.
Het zorgplan zal, zo zegt de verzorgende, niet door haar maar door de eerstverantwoordelijke verzorgende uitgewerkt worden en binnen 14 dagen aan mij als contactpersoon ter ondertekening worden voorgelegd. Ook zal het met moeder besproken worden. De eerstverantwoordelijke heeft niet alleen moeder, maar alle 24 bewoners op de afdeling van moeder onder haar hoede!
Hanneke Ikking