Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

‘Andere invulling functie Chief Nursing Officer’

Marian Adriaansen
Marian Adriaansen
In de vacaturetekst voor de nieuwe Chief Nursing Officer waren onvoldoende uren uitgetrokken voor de uitoefening van deze functie. Dat lijkt een ontkenning van het belang van de beroepsgroep te zijn, aldus de Den Treek-groep.
Foto: Gundolf Renze / stock.adobe.com

De functie van Chief Nursing Officer (CNO) was sinds 1 februari vacant. Bianca Buurman nam toen na ruim een jaar afscheid en ging verder als voorzitter van V&VN. Inmiddels is bekend dat Evelyn Finnema in haar voetsporen treedt. De hoogleraar Verplegingswetenschap en Onderwijs aan het Universitair Medisch Centrum Groningen gaat per 1 mei aan de slag.

Kort na Buurmans aankondiging te vertrekken, verscheen de advertentie voor de vacature. Wat doet een CNO? Die adviseert gevraagd en ongevraagd (onafhankelijk) de bewindslieden van VWS over de positie van de verpleegkundige beroepsgroep: verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten.

Het gaat hier over lopend beleid op verpleegkundig terrein en over vraagstukken die de visie op de gezondheidszorg op lange termijn raken. De gevraagde adviezen worden in goed overleg tussen het departement en de CNO vastgesteld aan het begin en lopende de benoeming.

Te weinig

De door VWS gevraagde tijd om deze functie goed te vervullen werd geschat op zo’n 15-20 adviesdagen op jaarbasis. De voorzitter van de Den Treek-groep, Marianne Lensink, heeft hierop een brief aan het ministerie geschreven waarin staat dat dit aantal te weinig is om een dergelijke functie goed te kunnen uitoefenen. Zeker nu gebleken is dat in de afgelopen periode verpleegkundigen weinig betrokken zijn bij beleidskwesties, er moet worden ingezet op behoud van verpleegkundigen en verzorgenden en er te weinig professionele zeggenschap is in organisaties en landelijke overlegorganen.

Ontkenning belang

Een CNO die maar 20 dagen beschikbaar is, kan volgens de Den Treek-groep te weinig aandacht aan deze thema’s besteden. Het lijkt een ontkenning van het belang van de beroepsgroep te zijn.

De Den Treek-groep bestaat uit vooraanstaande verpleegkundigen die werkzaam zijn op toezichthoudend, bestuurlijk en leidinggevend niveau in de zorg en het verpleegkundig onderwijs.